Applaus voor vermoorde Joodse inwoners Drouwen

Wethouder Albert Trip spreekt de aanwezigen toe.

Respectvol en ontroerend – dat was de bijeenkomst vrijdagochtend in Drouwen waarbij op twee adressen zeven Stolpersteine zijn gelegd. De werkgroep ‘75 Jaar Bevrijding Drouwen, Bronneger, Bronnegerveen (DBB)’ nam daartoe in 2020 het initiatief. Corona zorgde ervoor dat eerdere steenleggingen steeds moesten worden afgelast. Op vrijdag 1 oktober, 79 jaar nadat de laatste Jood uit Drouwen vertrok, was het eindelijk zover.

Na een indrukwekkende minuut stilde onthulde Wethouder Albert Trip van de Gemeente Borger-Odoorn samen met verschillende aanwezigen de kleine monumentjes.  Na het hardop voorlezen van de namen van de omgekomen plaatsgenoten klonk er spontaan een applaus. De Joodse inwoners van Drouwen waren weer thuis en zijn dankzij de Stolpersteine ook letterlijk weer in ’t dorp zichtbaar.

Een leerling van OBS De Ekkelhof onthult één van de stenen.

Wethouder Trip had even daarvoor in een korte toespraak nog eens gememoreerd dat het moeilijk is om van goed en fout tijdens de oorlog te spreken. De situatie in onze regio is zelfs achteraf niet gemakkelijk te verklaren. De NSB had inderdaad veel volgers maar de meeste daarvan waren alleen maar sympathisant en zeker niet allemaal fanatiek lid. Kiezen tussen goed en kwaad was nog niet zo makkelijk in die jaren. Door er nu met elkaar over te praten ontstaat er ruimte voor verwerking en uiteindelijk meer begrip.

Oranje bloemetjes in paardenstront

Het publiek, jong en oud, was in groten getale op de sobere plechtigheid afgekomen. Onder de aanwezigen ook een aantal ooggetuigen van de oorlog. De onthulling maakte ook bij hen veel los. Mevrouw Geertje Hadderingh (90) uit Gasselte verloor tijdens de oorlog, van de ene op de andere dag, haar Joodse vriendinnetje Diena Cohen (16). Als oud-inwoonster van Bronneger ging zij in Drouwen naar de lagere school en kwam vaak bij de familie Cohen over de vloer.

Mevrouw Geertje Hadderingh herdenkt het jongste Joodse slachtoffer; Rachel Bloemendaal.

Mevrouw Hadderingh is nog altijd boos en verdrietig over wat er met de Joden in Drouwen is gebeurd. Zij heeft zelfs een schriftje bewaard met aantekeningen en tekeningen die zij maakte tijdens de oorlog en daarin staat ook hoe ze zich voelde na het vertrek van Diena. Zij vertelde tijdens de onthulling van de Stolpersteine over het moment waarop ze ontdekte dat haar vriendinnetje was verdwenen. Ze besloot in een spontane actie oranje goudsbloemen te gaan plukken en die op verschillende plekken in het dorp Drouwen in de altijd aanwezige bulten paardenpoep te steken.

Een bekende uitdrukking in de oorlogsjaren was namelijk: ’Oranje boven, poepen onder’. De bijnaam van de Duitsers was ‘poepen’. Ze zag het als een stil protest maar de NSB’ers in het dorp waren woedend en gaven haar vader op zijn falie. Hij kreeg te horen dat zijn dochter zulke streken niet nog eens moest uithalen. De mevrouw heeft het schriftje uit die tijd nog altijd in huis op tafel liggen. De oorlog is nog bijna dagelijks in haar leven aanwezig. Mevrouw Hadderingh mocht zichtbaar aangedaan de Stolperstein voor de 3-jarige Rachel Bloemendaal onthullen. Het was de kleindochter van de familie Cohen waar ze in de oorlog vaak samen met Diena mee speelde.

Diena Cohen, 16 jaar, vermoord in Auschwitz op 19 oktober 1942.

Het trieste lot van Rachel Bloemendaal

Rachel Bloemendaal woonde de eerste jaren van de oorlog met haar ouders in Amsterdam. Haar ouders waren er al bang voor en begrepen in de loop van 1942 dat hun dochtertje niet langer veilig was in de hoofdstad. Dus werd de pas driejarige Rachel Bloemendaal naar opa en oma Cohen op het ‘veilige’ platteland van Drenthe gebracht. De angst van de ouders bleek terecht want ze werden niet lang daarna op transport gezet door de Duitse bezetter en in Auschwitz vermoord. Ook in Drouwen bleek Rachel niet veilig. Hoewel zij bij de gemeente niet stond geregistreerd als Jodin, was een inwoner al met die tip naar de autoriteiten gegaan. De melding leverde deze persoon, naast aanzien in NSB-kringen, ook nog een kleine vergoeding op. Toen ook de familie Cohen op 2 oktober 1942 naar Westerbork moest, was het lot van het jonge meisje bezegeld. Kleine Sally, zoals ze liefdevol door mevrouw Hadderingh werd genoemd, stierf in concentratie- en vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau op 19 oktober 1942.

De leerlingen van OBS De Ekkelhof in Drouwen legden tijdens de indrukwekkende plechtigheid witte rozen op de gegraveerde messing plaatjes. De school uit Drouwen heeft de Stolpersteine geadopteerd en zal ook in de toekomst aandacht blijven besteden aan deze duistere periode in onze geschiedenis. Zo gaan de scholieren volgend jaar naar ’t Herinneringscentrum Westerbork en verzorgen ze vanaf nu het onderhoud van de Stolpersteine. Zo weet straks ook een jongere generatie van wat er in de oorlog is gebeurd en dat er zeven inwoners van Drouwen zijn vermoord. Verhalen die volgens de werkgroep ‘75 Jaar Bevrijding DBB’ nooit verloren mogen gaan.

Vijf Stolpersteine aan de Hoofdstraat 21 in Drouwen.

Andere nieuwsberichten